Kort gezegd: een blad wordt bevestigd door feiten die je ter plekke kunt controleren. De lezer leest gegevens voor die op het manuscript staan — je naam, de namen van je ouders, je geboortedatum, familieomstandigheden — en jij antwoordt op elk daarvan met ja of nee. Een match wordt pas aangenomen als er genoeg van kloppen. Je wordt nooit gevraagd iets te duiden, en niets wordt bevestigd op gevoel.
Het principe: jij controleert, de lezer leest
Dit is het deel van een Nadi-lezing dat de meeste mensen verrast, en het is de moeite waard om het te begrijpen voordat je ervoor gaat zitten.
De lezer stelt je geen vragen om je daarna iets over jezelf te vertellen. Het gaat de andere kant op. De lezer leest wat er op een blad staat, en jij zegt of het klopt. Klopt het niet, dan wordt dat blad terzijde gelegd en wordt het volgende gelezen.
Die richting is bepalend. Ze maakt het identificatieproces controleerbaar in plaats van overtuigend, en daarin zit het verschil tussen een lezing die je kunt beoordelen en een lezing die je alleen maar kunt geloven.
Wat er werkelijk wordt voorgelezen
De gegevens verschillen per blad en per bibliotheek, maar een zoekafspraak werkt doorgaans het volgende af:
- je eigen naam, soms in een vorm of spelling die ouder is dan het huidige gebruik
- de namen van je moeder en je vader — vaak het meest beslissende gegeven, omdat het moeilijk anders te verklaren is als die twee samen kloppen
- je geboortedatum, en soms ook de dag van de week
- of je ouders nog leven
- het aantal broers en zussen dat je hebt, en soms ook hun volgorde
- je burgerlijke staat en of je kinderen hebt
- beroep of werkveld, meestal in algemene termen
- onderscheidende omstandigheden — een bepaalde gezinssituatie, een gebeurtenis, soms een lichamelijk kenmerk
Dit zijn ja-of-nee-feiten. Er wordt je niet gevraagd of iets je „aanspreekt”.
Hoeveel er moeten kloppen
Er is geen vaste score. Waar de lezer naar zoekt, is een reeks gegevens die samen kloppen — vooral naar de combinatie van namen, want een enkel gegeven kan toeval zijn, terwijl een kloppende set familienamen veel moeilijker bij toeval tot stand komt.
Een gedeeltelijke match geldt niet als match. Als je naam klopt maar de namen van je ouders niet, is het niet jouw blad en gaat de zoektocht verder.
Wat een zorgvuldig identificatieproces niet doet
Goed om te weten, want hieraan herken je dat iets slecht wordt gedaan:
- Het vraagt je niet eerst om de antwoorden. Als iemand je familiegegevens verzamelt en ze je daarna voorleest, is er niets gecontroleerd.
- Het zet je niet onder druk om het eens te zijn. „Kan dat een familielid zijn?” of „misschien komt dat nog” is geen bevestiging. Een gegeven klopt of het klopt niet.
- Het laat geen „bijna goed” gelden. Een naam die bijna klopt, is een verkeerde naam.
- Het leunt niet op wat jij voelt. Een gevoel is geen bewijs, en geen eerlijk identificatieproces gebruikt het als bewijs.
Dat geldt voor een sessie bij ons net zo goed als bij ieder ander. Heb je het gevoel dat je wordt gestuurd, zeg het dan tijdens de sessie — dat is de juiste reactie, en je moderator hoort het liever.
Waarom je duimafdruk als eerste komt
Een bibliotheek bewaart een enorm aantal bladen, en ze kunnen je niet allemaal worden voorgelezen. Binnen de overlevering worden duimafdrukken in categorieën ingedeeld, en die indeling brengt de collectie terug tot een overzichtelijke groep bundels, nog voordat er iets wordt gelezen.
De duimafdruk is een ordeningssysteem, niet de match zelf. Door de afdruk wordt niets bevestigd — die bepaalt alleen welke bundels het doorzoeken waard zijn. De bevestiging gebeurt via de gegevens.
Als de gegevens niet kloppen
Dan is het blad niet van jou en gaat de zoektocht verder. Tot drie zoekafspraken zijn inbegrepen, en wordt je blad daarna niet gevonden, dan krijg je het volledige bedrag terug. Dat staat in wat er gebeurt als je palmblad niet wordt gevonden.
Veelgestelde vragen
Wat als ik de namen van mijn ouders niet ken zoals ze geschreven werden?
Spellingen verschillen, en lezers rekenen daarop. Het gaat om herkenning, niet om een exacte transliteratie. Ken je een gegeven echt niet, zeg dat dan liever dan te gokken — een gok kan het verkeerde blad bevestigen.
Wat als sommige gegevens kloppen en andere niet?
Dan is het niet bevestigd. Zeg welke niet passen; die informatie helpt de lezer beslissen of hij in die bundel verder zoekt of doorgaat naar de volgende.
Kan ik vragen om het blad te zien?
De manuscripten blijven in de bibliotheek en worden door de lezers gehanteerd, maar je ziet ze tijdens de sessie, en je kunt vragen wat je op dat moment te zien krijgt.
Wordt de identificatie opgenomen?
Een opname en een schriftelijke transcriptie zijn mogelijk. Sommige mensen waarderen dat juist vanwege de identificatie, zodat ze later precies kunnen nagaan welke gegevens zijn voorgelezen.
Kan iemand anders de gegevens voor mij bevestigen?
Familiegegevens zijn soms beter bekend bij een ouder of een broer of zus, en daarom hebben sommige mensen iemand erbij. De lezing blijft toch de jouwe.